Nationaal Rapporteur: maak mensenhandel en seksueel geweld prioriteit in regeerakkoord

Nationaal Rapporteur: maak mensenhandel en seksueel geweld prioriteit in regeerakkoord

De Nationaal Rapporteur heeft in een brief aan informateur Schippers gevraagd om in de formatie en het regeerakkoord aandacht te hebben voor de aanpak van mensenhandel en seksueel geweld tegen kinderen.

Volgens rapporteur Corinne Dettmeijer is de politieke aandacht voor de aanpak van mensenhandel en seksueel geweld tegen kinderen geen rustig bezit. In de brief uit ze onder meer haar zorgen over de daling in het aantal gemelde slachtoffers van mensenhandel in 2016. De politiecapaciteit die bestemd was voor mensenhandel werd in dat jaar aangewend voor andere zaken, zoals de vluchtelingenstroom, de nasleep van MH 17 en terrorisme. Volgens de rapporteur is de capaciteit voor mensenhandel hard nodig, omdat zich binnen migratiestromen veel slachtoffers van mensenhandel bevinden.

Nationaal Programma

Bij de aanpak van seksueel geweld tegen kinderen mist de rapporteur duidelijke coördinatie. Daarom pleit ze bij informateur Schippers voor een Nationaal Programma seksueel geweld tegen kinderen, dat vanuit het oogmerk van samenhang gecombineerd kan worden met kindermishandeling en huiselijk geweld. Ook wijst ze op de gebrekkige beleidsinformatie over seksueel geweld tegen kinderen. Te vaak zijn cijfers niet voorhanden, waardoor niet gemeten kan worden of de gekozen aanpak effectief is.

Seksueel geweld online

In de brief vraagt de rapporteur ook aandacht voor de exponentiële groei van online seksueel geweld tegen kinderen. Hiermee doelt ze op kinderpornografie, maar ook op grooming, sextortion en online kindersekstoerisme. De aanpak hiervan verdient volgens de rapporteur aandacht over de volle breedte.

Preventie

Tot slot benadrukt de rapporteur het belang van preventie van seksueel geweld: ‘Preventie moet niet alleen gericht zijn op het weerbaar maken van kinderen om te voorkomen dat zij slachtoffer worden, maar juist ook gericht zijn op het voorkomen van daderschap. En daarmee kan je niet vroeg genoeg beginnen.’