Voor de verschillende vormen van seksueel geweld tegen kinderen bestaat nationale en internationale wet- en regelgeving. Daarin is vastgelegd welke seksuele gedragingen strafbaar zijn, wat de rechten zijn van slachtoffers en verdachten en welke straffen en maatregelen er zijn voor plegers.
Wetboek van Strafrecht – Seksuele misdrijven
In 2024 is de titel ‘Misdrijven tegen de zeden’ in het Wetboek van Strafrecht vervangen door de titel ‘Seksuele misdrijven’. Waar tot 1 juli 2024 gesproken werd van zedenmisdrijven wordt sindsdien in lijn met de vernieuwde titel gesproken van seksuele misdrijven. Afhankelijk van de pleegdatum zijn de strafbaarstellingen van de oude titel van toepassing evenals de strafbaarstellingen van de nieuwe titel.
Nieuwe Wet Seksuele misdrijven
Slachtoffers van aanranding en verkrachting kunnen sinds 1 juli 2024 aangifte doen als duidelijk was dat ze geen seks wilden. Dat is het gevolg van de nieuwe Wet seksuele misdrijven. Ook seksuele intimidatie in het openbaar en het sturen van seksueel getinte berichten aan kinderen (sexchatting) zijn dan strafbaar. Voor meer informatie: Nieuwe Wet seksuele misdrijven | Rijksoverheid.nl
Titel XIV van het Tweede Boek van het Wetboek van Strafrecht gaat over seksuele misdrijven. Hieronder staan de relevante artikelen:
Artikel 239 (Begripsbepaling seksuele misdrijven)
Artikel 240 (Schuldaanranding)
Artikel 241 (Opzetaanranding)
Artikel 242 (Schuldverkrachting)
Artikel 243 (Opzetverkrachting)
Artikel 244 (Ontbreken van de wil)
Artikel 245 (Aanranding 16-18-jarige)
Artikel 246 (Verkrachting 16-18-jarige)
Artikel 247 (Aanranding 12-16-jarige)
Artikel 248 (Verkrachting 12-16-jarige)
Artikel 249 (Aanranding 12-minner)
Artikel 250 (Verkrachting 12-minner)
Artikel 250a (Het ondersteunen van strafbare handelingen 16-minner)
Artikel 251 (Seksueel corrumperen 16-minner)
Artikel 252 (Beeldmateriaal van seksueel kindermisbruik)
Artikel 253 (Bijwonen voorstelling kindermisbruik)
Artikel 253a (Kindersekspoppen en -robots)
Artikel 254 (Strafverzwaring seksuele misdrijven)
Artikel 254a (Ontzetting van rechten/beroepsverbod na seksueel misdrijf)
Artikel 254b (Schennispleging)
Artikel 254ba ((Openbaar) maken seksueel beeldmateriaal)
Artikel 254c (Dierenporno)
Artikel 254d (Seks met dieren)
Titel V van het Tweede Boek van het Wetboek van Strafrecht gaat over misdrijven over de openbare orde. Hieronder staan de relevante artikelen:
Artikel 151d (Pornografie aanbieden aan 16-18, 18+)
Artikel 151e (Pornografie aanbieden aan 16-minners)
Titel II van het Derde Boek van het Wetboek van Strafrecht gaat over overtredingen over de openbare orde. Hieronder staat het relevante artikel:
Artikel 429ter (Seksuele intimidatie in het openbaar)
Beleidsregels Openbaar Ministerie
Voor de aanpak van seksuele misdrijven heeft het Openbaar Ministerie (OM) beleidsregels vastgesteld. Zo zijn er Richtlijnen waarin het uitgangspunt voor de strafeis bij seksuele misdrijven is beschreven. Daarnaast is in Aanwijzingen beschreven hoe het Openbaar Ministerie het beste kan handelen bij seksuele misdrijven. Hieronder staan de relevante Aanwijzingen en richtlijnen:
Beleidsregels OM
- Aanwijzing seksuele misdrijven (2024A005)
- Aanwijzing kinderpornografie (2024A006)
- Richtlijn voor strafvordering seksueel misbruik van minderjarigen (2024R005)
- Richtlijn voor strafvordering verkrachting (2024R004)
- Richtlijn voor strafvordering kinderpornografie (2024R006)
- Richtlijn voor strafvordering aanranding (2024R003)
- Richtlijn voor strafvordering van aanstootgevend gedrag – art. 254b Wetboek van Strafrecht (2024R007)
- Leidraad afdoening sextingzaken
Oriëntatiepunten Rechtspraak
Binnen de rechtspraak zijn ‘oriëntatiepunten’ ontwikkeld voor een aantal veelvoorkomende misdrijven. De rechter kan deze gebruiken bij het bepalen van de op te leggen straf. Deze landelijke oriëntatiepunten zijn bedoeld om consistent te zijn in het bepalen van een straf. Rechters zijn desondanks onafhankelijk en kunnen daarom alsnog afwijken van deze landelijke oriëntatiepunten.
Voor meerderjarige plegers bestaan er oriëntatiepunten voor seksueel misbruik van kinderen, verkrachting en ontucht met een minderjarige tegen betaling. Deze oriëntatiepunten gaat om strafbare feiten die zijn gepleegd vóór 1 juli 2024.
Internationale en Europese verdragen
Veel internationale en Europese verdragen gaan over thema’s die rechtstreeks raken aan de bescherming van kinderen tegen seksueel geweld. In dit overzicht staan de meest relevante verdragen:
- Internationaal verdrag inzake de rechten van het kind (Verenigde Naties, 1989)
- Facultatief Protocol inzake de verkoop van kinderen, kinderprostitutie en kinderpornografie bij het Verdrag inzake de rechten van het kind (Verenigde Naties, 2000)
- Europees Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden (EVRM)
- Verdrag van de Raad van Europa inzake de bescherming van kinderen tegen seksuele uitbuiting en seksueel misbruik (Verdrag van Lanzarote, 2007)
- Verdrag van de Raad van Europa inzake het voorkomen en bestrijden van geweld tegen vrouwen en huiselijk geweld (Verdrag van Istanbul, 2011)
- Richtlijn 2011/92/EU van het Europees Parlement en de Raad van 13 december 2011 ter bestrijding van seksueel misbruik en seksuele uitbuiting van kinderen en kinderpornografie
- Richtlijn 2012/29/EU van het Europees Parlement en de Raad van 25 oktober 2012 tot vaststelling van minimumnormen voor slachtoffers in het strafproces